Extreemrechtse groeperingen en nieuwe media: activisme of racisme?

De les van 27 oktober stond in het teken van de digitale democratie. Nieuwe media zouden er volgens sommigen namelijk voor zorgen dat burgers meer dan ooit de kans krijgen om zich te verzetten tegen dictators, corruptie en maatschappelijke ongelijkheid. Denk maar aan het hackerscollectief Anonymous, petitiesites als Avaaz.org, of zelfs de Arabische Lente, die zonder nieuwe media nooit had kunnen plaatsvinden. Maar is het wel een goed idee om iedereen op het internet een stem te geven? In deze blogpost gaan we niet dieper in op democratische, maar net op de anti-democratische ontwikkelingen op nieuwe media, meer specifiek op racisme.

En hier werd al uitgebreid wetenschappelijk onderzoek naar verricht. Zo analyseerden Caiani en Parenti (2009) de rol die het internet speelt in de ontwikkeling van extreem rechtse groeperingen in Italië. Uit hun bevindingen blijkt onder andere dat Italiaanse extreem rechtse groeperingen steeds vaker gebruik van het internet om hun gedachtegoed te verspreiden en meer aanhangers te werven. Hoewel er geen sprake is van één groot online extreem recht front, maar eerder van een verzameling van vele kleinere extreem rechtse online groepen, lijken ze zich allemaal in eenzelfde richting te bewegen. Daarbij is deze structurele verdeeldheid van extreem rechts op het web volgens de onderzoekers een prima weerspiegeling van de Italiaanse extreem rechtse vleugel in real life, die eveneens sterk gefragmenteerd is. Caiani en Parenti stellen dan ook dat onderzoek naar de werking van extreem rechts op nieuwe media interessante inzichten kan bieden in de werking van diezelfde politieke oriëntatie in het echte leven.

Neonazisme op youtube: de normaalste zaak van de wereld?

Ekman (2014) deed dan weer onderzoek naar de aanwezigheid van Zweedse extreem rechtse groeperingen op de gratis videowebsite YouTube. Ook hij kwam tot het besluit dat nieuwe media, in dit specifieke geval videofilmpjes, een grote bijdrage leveren aan de organisatie en mobilisatie van extreem rechtse groeperingen. Hij illustreert deze ontwikkeling in vijf kernpunten. Ten eerste stelt Ekman (2014) dat YouTube racistische groeperingen de mogelijkheid geeft om een enorm publiek te bereiken. Hoewel het aantal kijkers dat rechtstreeks via YouTube bereikt kan worden relatief beperkt is, wordt het potentieel aantal kijkers enorm uitgebreid door ook naar de filmpjes te linken op andere sociale mediaplatformen en blogs. Ten tweede wordt er in de video’s duidelijk gesteld dat er ook los van sociale media, in het echte leven, tal van mogelijkheden zijn om de extreem rechtse ideologie uit te oefenen en zich aan te sluiten bij groeperingen. Dit wordt vooral gedaan om bij de sympathisanten van de afzonderlijke YouTube-kanalen een meer uitgesproken extreem rechtse identiteit te doen ontwikkelen. Ten derde wordt de extreem rechtse ideologie in de filmpjes vooral in een banaal, alledaags daglicht gesteld. Hiermee willen de makers duidelijk komaf maken met de praktijken uit de jaren 1980 en 1990, toen neo-nazisme voornamelijk ondergronds actief was. Verder toont het onderzoek aan dat de beelden van zogenaamde waargebeurde gebeurtenissen, bijvoorbeeld politieke acties, zwaar gemanipuleerd worden, en zo als politieke propaganda worden gebruikt.Tot slot blijkt uit de bevindingen van Ekman (2014) dat de filmpjes van Zweedse extreem rechtse groeperingen op esthetisch vlak zodanig georkestreerd en gemonteerd zijn dat ze het karakter van geliefde Zweedse politici weerspiegelen. Dit is volgens de onderzoeker een voorbeeld van het zogenaamde affective politics waarbij er een beroep wordt gedaan op het gevoel van de toeschouwer om de massa voor een bepaalde ideologie te winnen.

“Als da ne Vlaming is ben ik ne neger”

Maar laat ons eerlijk zijn, racisme op sociale media is echt geen uitsluitend Italiaans of Zweeds probleem. Dit werd begin augustus op een maar al te pijnlijke manier duidelijk. “Weer een minder sé”, “als da ne Vlaming is ben ik ne neger” en “quad waarschijnlijk gepikt in Vlaanderen”. Het zijn maar enkele van de reacties die op de facebookgroep ‘Vlaamse Verdedigings Liga’ verschenen naar aanleiding van de dood van Ramzi Mohammad Kaddouri, een 15-jarige Vlaamse tiener met Marokkaanse roots. Maar hoe gruwelijk ook, voor frequente gebruikers van sociale media zouden zulke reacties niet als een verrassing mogen komen. Ik hoef zelf maar enkele seconden door mijn persoonlijke facebookfeed te scrollen om gelijkaardige reacties terug te vinden, en daarvoor hoef ik echt geen bezoek te brengen aan duidelijk rechts-getinte pagina’s als die van de ‘Vlaamse Verdedigings Liga’. Even doorklikken naar de reacties van, pakweg De Morgen, Het nieuwsblad of Het Laatste Nieuws (bij de ene krant heb ik al wat meer succes dan de andere), volstaan.

racist.gif

En toch heeft net dit voorval een enorme stroom van verontwaardiging op gang gebracht. Ook bij politici. “Ik wil eerst en vooral mijn deelneming betuigen aan de familie van Ramzi Mohammad, zei Vlaams minister president Geert Bourgeois (N-VA). “Ramzi is inderdaad een jonge Vlaming die veel te vroeg uit het leven gerukt is. De bijwijlen hatelijke reacties op de sociale media tonen aan dat er nog veel werk is om tot een gedeeld burgerschap en een inclusieve samenleving te komen. Mensen die dergelijke kwetsende taal hanteren, zouden maar eens in de spiegel moeten kijken”, ging hij verder. Ook collega Yamila Idrissi (SP.A) reageerde verontwaardigd: “What’s wrong with this world? Zum kotsen”, plaatste ze op twitter. En dan was er ook nog deze reactie van Vlaams minister van Media Sven Gatz (Open VLD), die nota bene verantwoordelijk is voor de regulering van nieuwe media in Vlaanderen: “Deze mensen moeten geholpen worden, maar kunnen/willen dat wellicht niet”, stelde hij. Met deze reactie bevestigt Gatz als het ware dat hij er tot nog toe niet in geslaagd is, het niet mogelijk acht, of zelfs niet bereid is om een oplossing te zoeken voor dit probleem.

Dit is ook Wouter Van Bellingen, directeur van het Minderhedenforum opgevallen. Hij noemt het gebrek aan politieke actie zelfs één van de belangrijkste oorzaken voor de recente golf van racisme op onze sociale media. “Verontwaardiging is niet voldoende. Ook verantwoordelijkheid is belangrijk en dat vraagt actie”, stelde Van Bellingen tijdens een interview op Radio 1. Zo wijst hij er bijvoorbeeld op dat ons land één van de beste wetgevingen heeft ter wereld wat betreft racisme, maar dat dit in de praktijk geen verschil lijkt te maken. Door wel verontwaardigd te reageren op racisme, maar het niet af te straffen, geven politici een verkeerd signaal, vindt Van Bellingen.

Nieuwe media zijn op vlak van democratisering dus zowel een vloek als een zegen. Zo geven ze een stem aan degenen die deze zo hard, maar ook aan zij die deze niet verdienen. Gezien de snelle opmars die nieuwe media maken als verspreidingsmiddel voor de extreem rechtse ideologie, is het dan ook uiterst belangrijk dat de politiek onmiddellijk ingrijpt.

Bronnen

Caiani, M., & Parenti, L. (2009). The Dark Side of the Web: Italian Right-Wing Extremist Groups and the Internet. South European Society and Politics, 14: 3, 273-294.

Ekman, M. (2014).The dark side of online activism: Swedish right-wing extremist video activism on YouTube. MedieKultur 2014, 56, 79-99.

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s